'T Pleintje - door Jan Wybouw

Hierbij dan de luchtfoto van "Het Pleintje", in 't midden van "het Gehucht" :
"Het Kabinneke" (van de Electriciteit : hoek Diegem - en Weldoenerstraat) en "Het Pleintje" met "de wegskes", hierbij genoeg gesitueerd, waren dè speelterreinen van ons, klein gasten, in de late veertiger-jaren. 't Kabinneke is ondertussen verdwenen, maar de wegskes en Pleintje liggen er nu nog altijd bij, zoals in die jaren. Er reden nog bijna geen auto's in de oorlogsjaren en daarna ; dus hadden wij speelplaats in overvloed. Knikkeren op de verharde aarde, lopen met de "riep" en een stokje om een beetje te sturen ("riep" was gewoon een velg van een oude fiets) en dan bergaf van in 't wegje in de Weldoenersstraat, naar beneden. Of redelijk vernuftig "belleke trek" gaan doen : We maakten een elastiek en een steentje of hard voorwerp aan de voordeur vast, daaraan een dun lang koordje en dan verstopten we ons met het uiteinde ergens achter een struik.....en dan maar trekjes aan het koordje geven en laten schieten, zodat het een geklop was op de deur.........Totdat ze het door hadden, natuurlijk en dan maken dat we weg waren.
Ook op de ruit bevestigden we dat , vandaar een ruitentikker....Soms durfden we al eens iets vies in de brievenbus steken ook.... En als Julien van de bakkerij "De Drie nullen" in de namiddag passeerde met z'n paard en carroske, brood brengen, mocht ik al eens een eindje meerijden. Dat was pas een attractie.
De wegskes dienden ook al eens als afspraak - en vrijplaatsje voor de jonge koppelkes, maar tegen die tijd lagen wij allang in ons nestje of misschien nog aan 't uitkienen hoe we Jefke of Roger 's anderendaags eens konden om de tuin leiden....
Dat waren nog jaren, waar wij ons amuseerden met een niemendal. Van twee oude fietsen maakten we er éne : De krak, noemden we dat. Een nieuwe fiets kwam gewoon niet in onze gedachten. Wij hadden daar geen geld voor. Ofwel maakten we van een onderstelletje van een oude kinderkoets een karretje, waar we opzaten en zelfs, met onze voeten konden sturen aan de voorste wielen. Op dat gebied waren wij zéér inventief. Rond Allerheiligen, als 't bietenoogsttijd was, haalden we die van binnen helemaal uit en maakten er gaten in, zodat het een masker scheen.....daar een kaars in of pillamp en dan gingen we spoken achter de meisjes 's avonds als het al een beetje donker werd.
Moesten dat pleintje en bijhorende wegskes kunnen vertellen...............Man, man, man !
Jan Wybouw


Krekels op de vijvers van het kasteel Belval - door Maria Vranckx

Maria Vranckx ( geboren 1927 ) vertelde dat haar grootvader Guillaume Vranckx een wel bijzondere taak had in Machelen.
We schrijven omstreeks 1918.
De toenmalige bewoners van het kasteel Belval hielden van stilte op hun domein, waar er aan het kasteel toen nog een mooie vijver lag. Evenwel zat deze vijver ( en de boorden ) in een bepaalde periode van het jaar vol met " krekels ", die een enorm lawaai maakten waardoor de bewoners van Belval niet konden slapen.
Aldus werd Guillaume Vranckx ingeschakeld, die als taak had de boorden van de vijver van Belval af te schuimen en de tjilpende krekels een " duw " te geven, opdat het lawaai zou ophouden.
Maria omschreef het ook als dat haar grootvader " op de vijver moest gaan kloppen”.
Later werd de vijver van Belval gedempt en was het probleem voor de bewoners opgelost.
Belval werd in 1970 afgebroken voor de aanleg van een oprit van de RING 0.

Luc De Wilder, mei 2008

Krekels of beter…kikkers op de vijver van Belval – aanvulling van Dirk Deroover

Het verhaal van de krekels in Belval... mijn grootmoeder vertelde hetzelfde verhaal van mensen die 's nachts moesten rondlopen en met een stok in water slaan teneinde de kwakende kikkers een toontje lager te doen zingen, hetzelfde gebeurde trouwens in Beaulieu. Zodanig dat de rijke lieden konden genieten van hun nachtrust.
Gelijkluidende verhalen gehoord maar dan van het kasteel in Perk, het ging dan ook hier over kikkers.
Krekels maken niet zoveel lawaai, en een vijver dumpen zou het probleem nooit opgelost hebben mits deze laatsten zich vooral in grasland ophielden.
De krekels die mevouw bedoelde moeten dus zeker kikkers geweest zijn!!!

Gevonden op de homepage van de gemeente Beveren:
Voor de benaming "puitenslagen” zijn twee verklaringen:

  • een gelegenheidsberoep van schamele lieden die de rijke lui met "puitenbillenkens” (puit = kikker) bevoorraadden
  • het voortdurend met een wis op het wateroppervlak van de kasteelwallen slaan met als gevolg dat de kikkers ook in de paartijd ophielden met kwaken, zodat de kasteelheren en hun edele dames hun nachtrust niet verstoord zagen.

en een fragment uit een oosters sprookje "Het gewaad van spinrag"

Su-Si ging naar de tuinman en zei tegen hem: "Ik kan niet slapen, omdat de kikkers in de vijver zo'n lawaai maken. Nu moet jij vannacht bij de vijver gaan zitten en met een lange stok telkens in het water slaan. Dan zullen die vervelende beesten wel stil zijn. En dat doe je voortaan iedere nacht. Heb je me begrepen?"

De tuinman knikte. Hij was erg bang voor zijn jonge meesteres. De laatste tijd speelde ze helemaal de baas in huis, want haar vader had het te druk, om zich met de huishouding te bemoeien. De tuinman wist dat ze hem streng zou straffen, als hij niet precies deed, wat ze hem beval.

's Avonds ging hij naar de vijver. Telkens als de kikkers kwaakten, sloeg hij met een stok in het water. Dan werd het even stil, maar even later begon het gekwaak toch weer. En dan moest hij opnieuw in het water slaan. Het middel hielp wel. Su-Si kon de hele nacht rustig slapen. Toen het licht werd, ging de tuinman naar huis. Hij was wel erg slaperig en moe, maar toch mocht hij niet rusten. Als hij zijn werk in de tuin niet goed deed, zou Su-Si zeker ook boos zijn.

Een week lang hield hij dit zware leven vol: overdag werkte hij in de tuin, 's nachts waakte hij bij de vijver. Soms viel hij wel eens even in slaap. Maar telkens, als de kikkers begonnen te kwaken, was hij juist op tijd wakker geworden.

Maar de achtste nacht sliep hij in en werd niet wakker, hoe hard de kikkers ook kwaakten. De arme man was ook zo vreselijk moe! Pas toen het licht werd, ontwaakte hij met schrik. Angstig dacht hij: "Ik hoop, dat Su-Si het gekwaak niet gehoord heeft." Maar zijn jonge meesteres was wel wakker geworden. Daar kwam ze al woedend op hem af. "Ik heb de hele nacht geen oog dicht gedaan!" riep ze hem toe. "Maar je zult je straf niet ontgaan." En zonder te letten op de jammerklachten van de tuinman liet ze hem in een onderaardse kerker werpen.


Oudejaar 1954 door Roel Lauwaert

Het weer was wel grijs, doch het regende niet. Dus het was wel speelweer en ik was naar Paul De Ron gegaan, in de Rittwegerlaan. Zijn ouderlijk huis staat er nog dacht ik, zo goed als recht onder het huidige viaduct, en zij hadden een transportbedrijf.
En dus trokken wij naar buiten en ravotten tussen de Woluwelaan, Nieuwbrugstraat en Rittwegerlaan in de verlaten en vervallen hangars van bedrijven zoals Tondelier, Willy’s Overland e.d.
Wij ontdekten een gezellig spelletje: op de in open lucht liggende betonnen vloeren van hangars met vernielde dakbedekking waren er grote waterplassen en wij vonden het spannend om daarin van de ene baksteen naar de andere te springen, liefst zo ver mogelijk en natuurlijk zonder een voet aan de grond (of in het water) te moeten zetten. Soms schoten wij rakelings naast mekaar door en soms zaten wij heel ver uiteen.
Tot het onvermijdelijke gebeurde: in onze halsbrekende toeren kozen wij op een bepaald moment voor dezelfde te bereiken baksteen. Wij botsten tegen elkaar en vielen in het water. Het was behoorlijk koud en wij dierven zo nat niet naar huis. Redding hebben wij gevonden bij Theo van Pit Saf. Hij was achter Tondelier (Nieuwbrugstraat) de schapen aan het hoeden en hij zat zich te warmen bij een vuurtje. Daar hebben wij dicht bij elkaar, met de natte delen tegen het vuur en ons regelmatig eens omdraaiend, ons zo goed en zo kwaad mogelijk gedroogd. Bijzonder veel is daar toen niet meer gezegd, maar ge wist gewoon dat er een verbondenheid was.
Daar ik dan later thuis kwam – het was al meer dan valavond, en in welke toestand - dan verwacht, zwaaide er natuurlijk ook nog wat. ’t Was in ieder geval zo een beetje van het ene jaar in het andere jaar vallen, maar niet met je achterste in de boter!


Technische Dienst 1959 door Roel Lauwaert

Toen ik na mijn humaniora in 1959 tijdelijk op de Technische Dienst van de Gemeente Machelen mocht beginnen werken, in vervanging van Leon Van Ceulebroeck zaliger die toen al ernstig ziek was, was mijn baas de gemeentearchitect Mr Latin. Wreed streng maar in mijn ogen ook zeer rechtvaardig.
Vele malen mocht ik met hem mee in zijn Renault 4pk op controle naar de in uitvoering zijnde bouwprojecten en indien er iets niet klopte ja dan .....
Hij had iets van een fransman, met zijn eeuwige zwarte alpinomuts. Dat hij in een franse koleire kon uitbarsten heb ik ook mogen meemaken toen ik dacht een bijdrage te kunnen leveren bij één van zijn ontwerpen voor een nieuw gemeentehuis.
Het plaasteren model stond bij ons in de burelen, mooi gemoduleerd en smetteloos wit. Er was een inrit met bocht voorzien om onder het gebouw te kunnen parkeren. Deze inrit was afgeboord met muurtjes. Ik had de euvele moed om op deze muurtjes een versiering aan te brengen om het geheel iets minder strakke vormen te geven. Ik heb hiervoor rode neuzekes (kegelvormig) gebruikt, snoepjes die ik gekocht had bij Blokkes. Het was een prachtig zicht, net rode kegelvormige boompjes die de inrit afboordden.
Tot Mr Latin ontdekte dat de kleurstof van die rode snoepjes ingedrongen was in het poreuze plaaster. De inrit vertoonde allemaal rode kringen. Dat was ook mijn kleur toen ik een ferme uitbrander kreeg. Gelukkig kon mits het afschuren van een dun laagje het oorspronkelijk zuivere wit terug hersteld worden.
Ik weet niet of het ontwerp ooit beoordeeld is en waar het zou moeten gebouwd worden mocht het goedgekeurd geweest zijn.
Eén eigenaardigheid of handigheid van Mr Latin is me ook altijd bijgebleven: hij kon met één hand perfect een sigaret rollen. Tenzij het een 'goocheltrukje' van hem was.
Misschien weten andere Machelaars hiervan, of Mr Jacobs die ook op de Technische Dienst werkte, die dacht ik in of tegen Peutie woonde, en die met een donkergroene Austin (Seven?) reed.


Na Krol op de kappersstoel (rond 1950) door Luc De Wilder

Download
NA KROL, in het echt genoemd Anna De Wilder, had begin jaren 50’........lees meer in de pdf
na krol.pdf
Adobe Acrobat document 11.8 KB

Machelse Rock anno 1980 door Luc De Wilder

Download
Ik herinner mij nog in 1980 een optreden van de rockgroep “ The KIDS ‘ in het Gildenhuis in
Diegem, als ik mij goed voor heb georganiseerd door ons Machels jeugdhuis SJALOOM......
lees meer in pdf
rock.pdf
Adobe Acrobat document 103.9 KB

Moenske door Johan Matthys

Download
Moenske, het begin van de zomer…

Met veel plezier heb ik de anekdotes op deze site gelezen… prachtige anekdotes, neergepend door rasechte Machelaars.....lees meer in de pdf
moenske.pdf
Adobe Acrobat document 16.6 KB

 

 

Als reactie op "Moenske" kregen we ook nog volgende reacties toegestuurd :

A. Krantenknipsel (hierbijgevoegd)


B. Informatie van de dienst Cultuur te Vilvoorde :

"De ijsroomventer Moens op werd 30 september 1992 plechtig ontvangen.
In het jaarverslag van het jaar 1993 staat ook nog het volgende te lezen: "De standplaats voor verkoop van roomijs werd niet toegekend daar er geen gegadigden waren en de vorige standhouder met pensioen is gegaan"."


C. René Moens is overleden op 21 juni 2008 te Vilvoorde.

 

D. De gemeente heeft de 2 ijskarren kunnen verwerven. Blijft dus een aandenken aan Moenske. De karren zullen normaal in het gemeentehuis worden gestald. Waar is den tijd van het ijsje aan de kar, de hoorn die we van ver in de Tuinwijk hoorden en waarop we dan naar buiten liepen, Moenske met een mooie witte voorschoot….

Download
Krantenknipsel Moenske
moenske2.pdf
Adobe Acrobat document 193.4 KB

Half oogst door Jan Wybouw

Wie herinnert zich nog dat Kermiske in ’t Gehucht, "tgucht”, de 15de augustus van ieder jaar .....

Download
half oogst.pdf
Adobe Acrobat document 32.0 KB

De bom door Maroussia (12j)

Toen mijn grootmoeder tien jaar oud was, was het oorlog. Bij een bomalarm vluchtte iedereen het huis uit en probeerde men buiten te schuilen.
Op een dag moest mijn grootmoeder van mijn overgrootmoeder in een gracht gaan liggen om te schuilen. Mijn grootmoeder wou dit niet doen omdat er een regenworm over de grond kroop.
Opeens vloog er een scherp stuk ijzer op de grond, net op de plaats waar ze zou gelegen hebben. Dit stuk ijzer was een stuk van een bom.
En zo heeft het dier waarvoor mijn grootmoeder bang was, en nog steeds is, waarschijnlijk haar leven gered !

Maroussia 12j.


Janneke de ezel door Dirk Deroover

Het gebeurde begin de jaren twintig van vorige eeuw…
Wijlen mijn grootmoeder, Octavie Derom alias Octavieke van Franske Saf, vertelde me tijdens mijn kinderjaren menigmaal het verhaal van een Machelaar ......

Download
janneke de ezel.pdf
Adobe Acrobat document 13.0 KB

De Geuze van Filemon door Luc De Wilder

Een markante figuur in Machelen na de tweede wereldoorlog was " Filemon " Van Damme, gehuwd met Jeanne De Wilder.
Jeanne De Wilder was de zuster van mijn grootvader Jean.
Filemon was een echte volkse figuur, die overal bij de Machelse boeren ging werken, een soort loonwerker.
Op een zondagmorgen eind jaren 1940 ging Filemon een glas drinken bij café DE KRUMME, na een zware werkweek.
Hij bestelde een geuze, maar hij kreeg te veel kraag, te veel schuim, hetgeen hem onmiddellijk opviel en niet aanstond, en waaromtrent bij protest liet optekenen bij de cafébaas.
" Ja, ge hebt gelijk,,’t is te weinig bier, maar da’s niks " zei de cafébaas tegen Filemon.
Nadien ging Filemon zijn pint betalen aan den toog, maar in plaats van de 20 cent die hij moest betalen voor zijne geuze, legde hij maar 18 cent in de hand van de cafébaas.
" En de rest, de andere 2 cent " vroeg de cafébaas ?
" Ja ", stelde Filemon, " ’t is te weinig, maar da’s ook niks, hé ! ".
En weg was hij, de gelagzaal in buldergelach achterlatend.

Luc De Wilder.
Januari 2006


Moeten er toiletten zijn in het J.B. Deroover-stadion ? door Luc De Wilder

Toen de plannen klaar waren en aan de Provincie werden overgemaakt voor goedkeuring, bleek dat er overal problemen waren.
Een waterafloop gaf niet uit in de riolering, maar in een afgesloten lokaal, zondermeer, hetgeen natuurlijk niet kon.
Maar, en veel belangrijker, L. was vergeten om in de plannen de toiletten op te nemen (lees sanitaire inrichtingen), toiletten die natuurlijk aanwezig dienen te zijn in het sportstadion.

Wanneer burgemeester DEROOVER het dossier van de Provincie terugkreeg en dit met rood doorstreept op zijn bureau zag liggen, ontstak hij in een Franse kolere en vroeg hij aan secretaris Frans GEERTS om L. als hoofd van de technische dienst op zijn bureau te ontbieden.
DEROOVER was woedend omdat essentiële zaken als toiletten vergeten waren in de ontwerp-plannen, L. werd hierover aangepakt, waarop deze op zijn beurt in een kolere ontstak en furieus reageerde tegen de burgemeester met volgende woorden ( blijkbaar historisch in de verhalen die hierover circuleren ) :


"Komen ze hier om te voetballen of om te schijten?”


Epiloog : het sportstadion werd vanzelfsprekend gezet MET toiletten, en werd officieel ingehuldigd in 1970.

Genotuleerd door Luc De Wilder - 2005


Zuinig ...door Dirk Deroover

Zuinig ....

Tussen beide wereldoorlogen woonde te Machelen, in 't Gehucht, de huisvader van een kroostrijk gezin.
Hij ging tamelijk zuinig met zijn centjes om en leefde bijgevolg nogal aan de 'profijtige' kant!
Zoals destijds goede gewoonte was, ging hij trouw elke zondag naar de mis.
Dat hij geacht werd een muntje in de schaal te gooien, wanneer men rondkwam, vond hij echter zonde van het zuurverdiende geld!
Vermits hij niet van de domsten was, en ook in de ogen van de gemeenschap niet wou doorgaan voor een gierigaard -ne 'kribbenbijter' in't Machels- bedacht onze vriend een vernuftig plan; hij nam een eindje fijne 'visdraad' en bevestigde dit aan een muntje van 10 centiem. Deze geldstukken waren destijds in het midden voorzien van een gat, hetgene het bevestigen van de draad kinderspel maakte.
Vanaf die dag toverde 'Profijt' telkens, tijdens de omhaling voor het stoelengeld, met groot vertoon zijn geldbeugel tevoorschijn en gooide er met de glimlach zijn 10 centiem in... die hij vervolgens -dank zij het onzichtbare visdraadje- handig vanachter de rug van de omhaler terug uit de schaal wist te vissen!

Dirk Deroover - 2005


De premie voor de borstvoeding door Luc De Wilder

Kort na WOII had de toenmalige CVP meerderheid beslist om voor de Machelse vrouwen een premie in te voeren voor het geven van borstvoeding.Wie borstvoeding gaf, moest beloond worden, aldus het gemeentebestuur.
Om deze premie te ontvangen moesten de jonge moeders die borstvoeding gaven, zich op geregelde tijdstippen aanbieden op het gemeentehuis.

Frans Geerts, vroegere secretaris, was gelast met de opvolging en controle. Het vroegere gemeentehuis in de C. Peetersstraat, waar thans de OCMW burelen zijn gevestigd, was zo ingericht dat naast het bureel van Frans Geerts, er zich het bureel bevond van de heer Latin, die verantwoordelijk was voor de technische dienst van de gemeente.
Om tot bij Frans Geerts te geraken, moesten de jonge moeders hoe dan ook passeren langs het bureau van de heer Latin.

Bij aanvang van de invoering van deze regeling, zag Latin, die werkte met zijn deur open, tot zijn grote verwondering op een ochtend vele vrouwen langs zijn deur passeren om allemaal binnen te gaan bij Frans Geerts.Wat was me dat een défilé van mooie jonge vrouwen, dacht Latin.
Latin vond dit natuurlijk zeer vreemd en bij het beëindigen van de werkdag vroeg hij aan Frans Geerts wat al die vrouwen daar kwamen doen.
Frans antwoordde laconiek : "Awel, ge weet toch voor de " prime” van de borstvoeding, daarvoor moeten ze bij mij zijn en ik controleer of deze premie wel gerechtvaardigd wordt toegekend” (aldus Frans Geerts, schertsend naar Latin toe).
"En hoe doet ge dat dan, hoe controleert gij dan of die moeders wel degelijk borstvoeding geven ?” vroeg Latin .
"Wel”,antwoordde Frans Geerts, "ik vraag aan de jonge moeders dat ze hun bloes losknopen, zodat ik hun borsten kan zien en ik als ervaren vader met het blote oog kan vaststellen of er al dan niet borstvoeding wordt gegeven. Als ik dit goedkeur, krijgen ze de premie”.
Waarop Latin ernstig antwoordde: " Zerre gij ne gelukzak, ja!”

Anecdote genotuleerd door Luc De Wilder - 2004